Beschrijving:
Een half leeg flatgebouw in New York, op de nominatie staand om gesloopt te worden. Peter Richardson is een der laatst overgebleven huurders. Die laatste bewoners komen af en toe bij elkaar om ervaringen uit te wisselen: bijna iedereen heeft al een nieuwe flat gevonden, behalve Richardson. In de ijskoude winternachten hoort hij een geluid in het reusachtige, bijna verlaten flatgebouw. Een geluid als het zwiepen van een golfclub. Een geluid dat steeds dichter bij komt ... Dat ijselijke geluid dat de duisternis doorhuivert, vult zijn handelen en denken met een onuitsprekelijke aanwezigheid. Het geluid is volkomen reëel voor Richardson, net zo reëel als zijn mausoleum-achtige flatgebouw. Net zo reëel als de onnoembare last van vergeten eeuwen die op zijn door doodsangst gekwelde geest rust, hoewel hij zich daar nog niet van bewust is. Net zo reëel als de gedempte schreeuw die in het diepst van zijn geest rondwaart: IN DE NAAM VAN GOD OF DE DUIVEL, IK WIL DE MAN ZIEN DIE ME KOMT VERMOORDEN!
|